Twee radicaal verschillende ontwerpen maken zich op voor The Ocean Race Atlantic
Wanneer op 1 september de eerste editie van The Ocean Race Atlantic van start gaat, wordt niet alleen uitgekeken naar de strijd tussen de bemanningen. Ook op technisch vlak belooft de trans-Atlantische wedstrijd bijzonder interessant te worden. Met de pas gelanceerde DMG MORI Global One en Malizia 4 verschijnen twee nieuwe IMOCA’s aan de start die bijna tegengestelde ontwerpfilosofieën vertegenwoordigen.
Beide boten liepen onlangs in Lorient van stapel en worden momenteel door hun teams getest en verder afgesteld. In september zullen ze voor het eerst rechtstreeks tegenover elkaar komen te staan. De ene kiest voor een bijna revolutionair nieuw rompconcept, de andere bouwt voort op oplossingen die zich tijdens eerdere oceaanwedstrijden al bewezen hebben.
Zo recht mogelijk varen
De meest opvallende nieuwkomer is ongetwijfeld de DMG MORI Global One van de Japanse schipper Kojiro Shiraishi. De boot werd ontworpen door de Franse ontwerper Guillaume Verdier, een gevestigde naam binnen de IMOCA-klasse die ook meewerkte aan de ontwikkeling van de foilende AC75-monohulls voor de America’s Cup.
Die invloed is zichtbaar in het onderwaterschip. Over vrijwel de volledige lengte van de romp loopt centraal een uitgesproken verdikking, in het Engels een bustle genoemd. Een dergelijke vorm was tot nu toe niet te zien bij een IMOCA.
Traditionele IMOCA-rompen hebben veelal een U-vorm. Wanneer de boot overhelt, neemt het natte oppervlak af en daarmee ook de weerstand. Verdier koos bewust voor een andere benadering: zijn ontwerp moet zoveel mogelijk rechtop blijven varen. De normale hellingshoek zou slechts acht tot negen graden bedragen.

De boot steunt daarbij grotendeels op de centrale verdikking, die enigszins te vergelijken is met de middenromp van een foilende multihull. Volgens Verdier kan het natte oppervlak daardoor met ongeveer twintig vierkante meter worden verminderd. Dat moet niet alleen snelheid opleveren, maar ook meer stabiliteit.
Een kleinere hellingshoek kan bovendien het leven aan boord aangenamer maken. IMOCA’s staan bekend als bijzonder fysieke boten, waarin de bemanning bij hoge snelheid voortdurend wordt blootgesteld aan harde schokken en abrupte bewegingen. Een romp die rechter en stabieler over de golven glijdt, zou die belasting enigszins kunnen beperken. Of het concept in uiteenlopende oceaanomstandigheden werkelijk zijn beloften waarmaakt, moet nog blijken.
Een slankere tegenpool
Tegenover deze brede en krachtige boot staat de veel slankere Malizia 4 van de Duitse schipper Boris Herrmann. Het ontwerp van Antoine Koch en Finot-Conq kan eerder als een evolutie van de bestaande IMOCA-generatie worden beschouwd.
De nieuwe Malizia is de tweede van drie boten die voortkomen uit een opvallende samenwerking tussen Herrmann, Thomas Ruyant en Loïs Berrehar. De drie IMOCA’s krijgen dezelfde rompvorm, maar worden binnenin aangepast aan de ergonomische voorkeuren en werkwijze van iedere schipper. De boot van Ruyant ging op 19 juni te water; die van Berrehar volgt naar verwachting begin 2027.

Volgens Herrmann zijn de verschillen met de DMG MORI Global One zo groot dat beide boten naast elkaar haast uit verschillende wedstrijdklassen lijken te komen. Waar het Verdier-ontwerp breed en volumineus is, heeft Malizia 4 een smalle, scherpe rompvorm.
Bijzonder opvallend is de boeg met een uitgesproken dubbele knik, of chine. Die vorm moet de boot bij hoge snelheden en ruime wind beter door de golven van de Zuidelijke Oceaan laten snijden. Herrmann liet zich daarbij inspireren door de prestaties van Thomas Ruyant en Yoann Richomme tijdens de Vendée Globe 2024-2025. Hun boten bleken in de zware oceaandeining snel en relatief beheersbaar.
Meer dan alleen een sterke voordewindse boot
Toch wilde Team Malizia niet eenvoudigweg een specialist voor ruimewindse omstandigheden bouwen. De nieuwe boot moest veelzijdiger worden dan zijn voorganger. De grote knikken in de boeg blijven belangrijk voor snelheid in hoge golven, maar tegelijk kreeg het ontwerp meer vermogen om ook bij lichte en middelmatige wind tegen de wind in beter te presteren.
De eerste proefvaarten verliepen alvast veelbelovend. Na een rustige testsessie van ongeveer zeven knopen, waarbij vooral de nieuwe zeilen werden bekeken, kon Malizia 4 tijdens de tweede tocht al volledig op de foils varen. Bij twaalf knopen wind en een vlakke zee bereikte de boot een stabiele vlucht.
Voor Herrmann en zijn team is dat een bemoedigende eerste stap. Toch volgt na een tewaterlating altijd een intensieve periode waarin alle systemen gecontroleerd en verfijnd moeten worden. Een moderne IMOCA is een complexe combinatie van rompvorm, foils, tuigage, elektronica, hydraulica en energievoorziening. Voor een eerste oceaanoversteek moet elk onderdeel betrouwbaar functioneren.
De oceaan als scheidsrechter
Beide teams bereiden zich nu voor op hun eerste trans-Atlantische tocht van Lorient naar New York. Daar begint op 1 september de eerste The Ocean Race Atlantic. Voor de nieuwe boten wordt die oversteek meteen een belangrijke praktijktest, nog voor de eigenlijke wedstrijd van start gaat.
Daarna zal de oceaan uitwijzen welke ontwerpfilosofie het meeste potentieel bezit: de brede DMG MORI Global One, die zo recht mogelijk over het water wil vliegen, of de slanke Malizia 4, die beproefde ideeën verder verfijnt en breder inzetbaar probeert te maken.
Het antwoord zal vermoedelijk niet eenvoudig zijn. Windrichting, golfslag en betrouwbaarheid spelen minstens zo’n grote rol als pure snelheid. Maar juist doordat beide ontwerpen zo sterk van elkaar verschillen, wordt The Ocean Race Atlantic ook een fascinerende confrontatie tussen twee mogelijke richtingen voor de volgende generatie IMOCA’s.
Foto’s: © Marie Lefloch I Team Malizia – © Alice Callow I Team Malizia – © Benjamin Sellier/ DMG MORI Global One

